Hoe krijg je de wensen van de klant boven tafel?

Hoe krijg je de wensen van de klant boven tafel?

15 juni 2022

Wensen in kaart brengen is het begin van succes. Hoe krijg je die wensen boven tafel? En hoe vertaal je ze naar de meest optimale software?

Stap 1: Breng de hoofdwens in kaart

Als je in gesprek gaat met de klant, is er één ding belangrijk om als eerste boven tafel te krijgen: waarom wil hij die nieuwe software ontwikkelen? Vaak doen wij dit tijdens een brainstormsessie. Er is altijd een intrinsieke wens vanuit de klant om zo’n applicatie te bouwen. Soms is de applicatie waar het volledige business model op leunt, soms is het nodig voor een optimalisatieproces, maar de klant kan het ook willen om een pijnpunt in zijn onderneming aan te pakken.

Je gaat dus op zoek naar het hoofddoel, of de hoofdwens. Naar het antwoord op de vraag: wat is nou echt, echt, echt de reden dat je deze software wil? Dit blijft gedurende het hele proces een soort controle. Er gaan namelijk meer wensen komen vanuit de klant. Maar bij ieder van die wensen wil je terugkoppelen naar de hoofdwens, en daarbij de vraag stellen: bereiken we hiermee het doel? Alles wordt eigenlijk in het kader gebouwd van de hoofdwens.

Stel: een klant wil met een software zijn bedrijfsproces controleren en meer inzicht hebben in de vraag: hoe draait mijn bedrijf? Zodat hij kan bijsturen waar nodig. Maar een onderliggende wens kan hierbij bijvoorbeeld zijn: het controleren hoe de medewerkers presteren. Het is dan mooi meegenomen als dat ook kan. Aan het einde van de rit willen wij echter nog steeds dat de hoofdwens de focus krijgt. Het gebeurt namelijk weleens dat de bijzaak, dus de onderliggende wens, de focus krijgt. En dat is gevaarlijk. Dan heb je straks een tool gemaakt waarmee je heel goed je werknemers kan controleren, maar geen helder inzicht hebt in hoe je bedrijf draait.

Stap 2: Bepaal wie de actoren zijn

Een tweede belangrijke vraag die je wil stellen: wie doet er mee aan je systeem? Wie zijn de gebruikers? Stel, we gaan weer terug naar het eerder genoemde voorbeeld, de klant die meer inzicht wil in zijn bedrijfsvoering. Als het systeem heel ingewikkeld en onhandig in gebruik wordt, gaan je medewerkers misschien tegenstribbelen. Dan krijg je nooit dat overzicht. Je wil dus identificeren wie je gebruikers zijn, wie met het systeem werkt, en wie er invloed op uitoefent. Soms spelen er ook politieke belangen mee. Als mensen bijvoorbeeld bang zijn om met zo’n systeem van controle hun baan te verliezen, of als ze bang zijn dat ze harder moeten werken. Er spelen dus vaak verschillende belangen mee. Het is belangrijk die in kaart te brengen en vast te stellen wie er een rol in speelt. Hierbij wil je ook bedenken: hoe krijg ik die betrokken mensen mee? Welke wensen zouden zij hebben bij de implementatie van het systeem? Hoe kunnen we hun leven makkelijker maken met dit systeem? Ook dit kun je goed tijdens een brainstormsessie boven tafel krijgen.

Stap 3: Begin met het meest cruciale onderdeel

Veel klanten komen aan met een heel groot idee. Dat kleden we in eerste instantie altijd uit. Je wil namelijk klein beginnen, zodat je het kunt testen en vervolgens kunt optimaliseren voor gebruikers. Je wil beginnen bij de kern. Daarbij moet je de vraag stellen: wat is echt cruciaal? Waar wil ik als eerste mee beginnen? Het is een kwestie van dingen wegstrepen, en dan kijken: werkt het zo nog? Kan het zonder dit onderdeel nog steeds gebruikt worden voor het hoofddoel? En kunnen we ons hoofddoel zo bereiken? Zal het impact hebben?

Als je die vragen met de klant hebt beantwoord, dan kun je beginnen met de ontwikkeling van het MVP, het minimal viable product. Dan ontdek je dat er een natuurlijke beweging ontstaat, van de klant en van gebruikers die heel graag een bepaalde richting op willen. Met het MVP ga je testen. Zo krijgt iedereen op de meest simpele manier door hoe het systeem werkt. En dan kun je waar nodig in een rap tempo doorontwikkelen. Op het moment dat de MVP gebruikt kan worden, gaan gebruikers vaak ook met elkaar praten. En als ze dat niet doen, kun je dat stimuleren.

Die natuurlijke beweging vanuit de gebruikers ga je benutten. Je gaat kijken: wat is de hoofdwens? Hebben we die al bereikt met de MVP? In hoeverre gaat de natuurlijke beweging daar naartoe? En als de hoofdwens met de MVP is bereikt, is er dan een nieuwe hoofdwens ontstaan? Zo kan er een vervolgproject ontstaan. En dan doorloop je het hele proces weer opnieuw. Het is belangrijk om het proces bij elke nieuwe wens opnieuw te doorlopen.

Gecategoriseerd in :

Blijf op de hoogte van onze blogs